dinsdag 28 juli, 2026
De stem van de nieuwe generatie

Langs bij dagbesteding Het Twaalfde Huis: ‘Iedereen kan dakloos en verslaafd raken’

Beeld: John
Binnenland

Het leven van mensen met een langdurige verslaving speelt zich vaak op straat af. Een hard leven, dat dagbesteding Het Twaalfde Huis in Groningen helpt te verzachten.

Door: Beau Tunderman
Leestijd: 7 min

Op het prikbord naast de ingang hangt een A4’tje waarop staat ‘maandag 4 mei, gratis pedicure’. Door mijn hoofd schiet het beeld van een groep ruig uitziende mannen wier voeten vertroeteld worden met veilen en lavendelcrème. Maar hoe onwaarschijnlijk het ook lijkt, juist deze groep mannen heeft de pedicure het hardst nodig: wie op straat leeft, heeft gebruikte en versleten voeten.

Het leven van mensen met een langdurige verslaving speelt zich vaak op straat af. Buiten zwerven ze doelloos rond en leiden ze een hard leven dat zich van uur tot uur afspeelt. 

Ze glippen tussen de vangnetten van onze samenleving door, die vereisen dat je langdurige trajecten instapt en afspraken nakomt, terwijl het ongestructureerde leven van deze groep dit onmogelijk maakt. Tussen wal en schip gevallen raken ze steeds verder verwijderd van de samenleving. 

Het Twaalfde Huis

Om deze kloof te dichten, hebben ze een alternatief nodig voor doelloos rondzwerven. Bij Het Twaalfde Huis in Groningen vinden ze dit. Deze laagdrempelige dagbesteding voor mensen met een langdurige verslaving biedt steun en structuur, waardoor deelnemers niet van uur tot uur, maar weer van dag tot dag kunnen leven.

“Mensen komen hier aanwaaien wanneer ze willen en hoeven niet clean te zijn om toegelaten te worden,” zegt Karlijn Kleef, stagiaire bij Het Twaalfde Huis. Deze laagdrempeligheid is wat hen onderscheidt van andere hulporganisaties.

‘Mensen komen hier aanwaaien wanneer ze willen’

Deelnemers vinden hier een dak boven hun hoofd, sociale contacten, kluisjes, een douche, lunch en ’s avonds een warme maaltijd. Verder kunnen ze door mee te helpen aan verschillende taken geld verdienen. “Met elke paar uur dat ze aan het werk zijn, verdienen ze tachtig cent.”

Onzichtbaar werk

Mannen zitten aan tafels tegenover elkaar. Sommigen in stilte, anderen al kletsend. Ze zijn in opdracht van een tuinbedrijf bezig labels voor in plantenbakken op stokjes te prikken. 

In een volgende ruimte staan gereedschapskisten en hangen fietsen aan het plafond. “Hier repareren de deelnemers kapotte fietsen die we later verkopen aan bijvoorbeeld studenten,” legt Karlijn uit. 

Daarnaast maken ze de watertappunten in de stad schoon en wassen ze werkkleding voor de gemeente en beddengoed voor de nachtopvang. Onzichtbaar werk dat de stad draaiende houdt.

Rokersruimte

Verderop in het gebouw hangt een plakkerige geur in een kleine ruimte. Op de deur staat een tijdschema. “De rokersruimte is wat ons onderscheidt van andere hulporganisaties,” zegt Karlijn. Door deelnemers op vaste tijden en onder toezicht toe te staan hun crack te roken, verwelkomt Het Twaalfde Huis een grotere groep. 

“Bij veel hulporganisaties moet je verplicht een traject in om af te kicken, maar veel mensen die hier komen hebben die wens niet meer.” Zij hebben het doel om af te kicken losgelaten en willen slechts stabiliteit en grip.

Maar wie wel wil afkicken, krijgt hier ook hulp. Naast kortetermijnhulp zoals eten, een douche en wat geld, begeleidt Het Twaalfde Huis ook bij langere trajecten. Sinds de oprichting in 1998 hebben ze veel deelnemers geholpen met huisvesting, financiën, scholing en afkickprogramma’s.

Koude nachten

“Iedereen kan dakloos en verslaafd raken,” zegt Wim Mijlof, een van de begeleiders, terwijl hij aan een fiets sleutelt. Doordat Wim zelf verslaafd en dakloos is geweest, weet hij goed wat er speelt bij de deelnemers. Nadat hij zijn baan verloor en scheidde, belandde hij op straat. 

“Dakloos zijn is angst en onzekerheid. Ik denk dat de meeste mensen die op straat leven in eerste instantie niet eens verslaafd zijn, maar wanneer je alles verliest, beland je in een gat.” 

‘Als het ’s nachts koud is en je eenzaam bent, wat doe je dan?’

Onzekerheid, verveling en eenzaamheid maken het dakloze leven zwaar en verdoving aanlokkelijk. “Als het ’s nachts koud is en je eenzaam bent, wat doe je dan? En wat als je dat niet één nacht, maar elke nacht meemaakt?” Het begint met een biertje, maar de kou en lusteloosheid verdoven, vereist steeds meer.

Een bak

“Als je er uiteindelijk diep inzit, zie er dan nog maar eens uit te komen,” zegt Wim. Verslaving is een vicieuze cirkel. “Om af te willen kicken, moet je sterk zijn. Maar wanneer je eraan begint, voelt je wereld ineens groot en angstaanjagend, waardoor je al snel weer op zoek gaat naar iets dat die angst wegneemt.” 

Toch lukt het sommigen, zoals Wim, wel. “Je moet een bak hebben, iets waar je naartoe kan,” zegt hij. Voor hem was dat een Groningse student, waar hij verliefd op werd en die hem de motivatie gaf clean te worden. Echter hebben de meeste verslaafden een schrijnend leven gehad, waardoor ze die bak niet hebben, vertelt Wim.

Laatbloeier

Bram, een van de deelnemers, groeide op in de Indische buurt, wat destijds een drugsbuurt was. “Drugs – heroïne vooral, dat was dé drug – verspreidden zich als een ziekte door de stad,” vertelt hij. Door de losse handen van zijn vader stond de kinderbescherming geregeld bij hen op de stoep, en door zijn astma had Bram veel medische zorg nodig, wat zijn broers en zussen hem verweten. 

‘Ik zou willen dat mensen mij het voordel van de twijfel gaven’

Zijn broer wist zijn trauma’s diep weg te stoppen, vertelt hij, maar zelf kon hij dit niet. “Ik ben een gevoelsmens.” Ondanks alles begon Bram pas relatief laat drugs te gebruiken. Een ‘laatbloeier’, noemt hij zichzelf.

In de stad wordt Bram vaak anders behandeld dan hem lief is. “Ik zou willen dat mensen mij het voordeel van de twijfel gaven. Ik heb echt voor mijn leven moeten vechten.” Waar hij blij van wordt, is zijn huis, zijn beestje en een vriend of vriendin. Bij het Twaalfde Huis komt hij dan ook, al bijna dertig jaar, vooral voor het sociale contact en om de gemeenschap en elkaar te helpen. “Ik word er blij van om andere mensen te zien genieten.”

Menselijkheid

“Het woord dat deze plek omschrijft is ‘menselijkheid’,” zegt John, een andere deelnemer, terwijl hij op een houten krat ligt en een aquareltekening maakt. De kwast dipt in de verf en zet een streep op het papier. 

“Hier hangt zoveel liefde en vriendelijkheid. Dat zit hem in het brood, de warme maaltijd, de filmmiddagen, alles.” Hij hoopt dat er snel een creatieve afdeling komt. Tot die tijd voorziet hij de muren van Het Twaalfde Huis vanaf zijn krat van schilderijen.

Eindredactie door Nova Spier

Steun Red Pers

Je las dit artikel gratis, maar dat betekent niet dat het Red Pers niets heeft gekost. Wij bieden jonge, aspirerende journalisten een podium én begeleiding. Dat kunnen we nog beter met jouw steun. Die steun komt met twee voor de prijs van één, want onze sponsor matcht jouw donatie. Geef jij ons vijf euro? Dan ontvangen wij een tientje.

Over de auteur:

Beau Tunderman (2000, zij/haar) is masterstudent filosofie aan de Rijksuniversiteit Groningen met een bachelor in biologie/neurowetenschappen. Naast een interesse in de natuur van de mens heeft ze ook een fascinatie voor de relatie tussen cultuur en natuurlijke behoeftes. Als redacteur Cultuur & Filosofie probeert ze actuele culturele verschijnselen kritisch te analyseren en de dialoog tussen wetenschap, filosofie en samenleving te bevorderen.

Lees meer van Beau Tunderman