maandag 25 mei, 2026
De stem van de nieuwe generatie

FOMO in de polder of blut in de stad: het dilemma van jongeren in de regio

Beeld: Unsplash
Binnenland

Achttien jaar oud, diploma op zak en de grote vraag dient zich aan: blijven in de regio of verhuizen naar de Randstad? Voor veel jongeren in krimpregio’s als Zeeland, Groningen en Friesland is de aantrekkingskracht van de grote stad groot. De braindrain in krimpregio’s zet de leefbaarheid van kleine dorpen onder druk. Wat drijft jongeren naar de Randstad? En wie zijn de jongeren die juist blijven? 

Door: Meike Halbesma
Leestijd: 4 min

Krimpregio’s als Zeeland, Groningen en Friesland zien jaarlijks duizenden jongeren richting grote steden trekken voor studie of werk. Voor veel jongeren uit de regio klinkt de grote stad als vrijheid. Het is de plek waar je jezelf opnieuw kunt uitvinden, zonder de bagage van je geboortedorp. Sanne (24) groeide op in Deinum, een Fries dorp vlak onder Leeuwarden met ongeveer duizend inwoners. Inmiddels huurt ze een dure studio in Amsterdam-West. Die keuze maakte ze blind: “Ik werd een beetje gek van dat ‘ons kent ons’-sfeertje,” vertelt Sanne. “In Deinum is het veilig, maar het is ook alsof de tijd stilstaat. Ik wilde naar feestjes waar niemand weet met wie ik op de basisschool heb geknikkerd. In de stad kun je compleet anoniem over straat: die vibe had ik echt nodig.”

Daarnaast speelt carrière vaak ook een rol. Sanne studeert Media en Cultuur: “Natuurlijk kun je in Leeuwarden ook leuke dingen doen, maar de grote mediabedrijven en stages zitten in Hilversum en Amsterdam. Als je een voet tussen de deur wilt in die wereld, moet je wel verhuizen. Anders sta je 1-0 achter.”

Bewuste blijvers

Tegenover de uitstroom staat een groep jongeren die de Randstad bewust links laat liggen. De oververhitte huurmarkt en de hoge werkdruk in de stad wegen voor hen niet op tegen de voordelen van de regio. Jurre (23) is zo’n overtuigde ‘blijver’. Hij werkt als automonteur, kent half Deinum bij voornaam en staat in het weekend standaard langs de lijn bij de plaatselijke voetbalclub. “Ik ben één keer een weekendje naar Amsterdam geweest, en ik was helemaal kapot toen ik terugkwam,” lacht Jurre. “Mensen leven daar zó langs elkaar heen. Hier in Deinum kennen we elkaar tenminste. Als we het dorpsfeest moeten opbouwen, staat iedereen klaar. Die saamhorigheid vind je in een grote stad echt niet.” 

Bovendien lacht hij stiekem om zijn leeftijdsgenoten in het westen. “Ik zie vrienden de hoofdprijs betalen voor een kamer waar je je kont niet kunt keren. Ik heb hier gewoon een vaste baan, een auto voor de deur en ik kan sparen voor een écht huis. In de Randstad ben je als starter kansloos. Hier heb je gewoon nog de ruimte om te leven.”

‘Je kunt wel wegrennen naar de stad, maar wie houdt hier de boel dan leefbaar?’

Vicieuze cirkel

Jurre merkt dat de leegloop zijn weerslag heeft op het sociale leven in het dorp: “Je ziet dat de vaste kern kleiner wordt. Sommige vrienden zie ik alleen soms in het weekend, als ze even terugkomen uit de stad. Dat is jammer, want je hebt die jonge aanwas nodig om de boel draaiende te houden.” Het Planbureau voor de Leefomgeving bevestigt het beeld van Jurre: de demografische krimp in de regio leidt tot verlies van lokale voorzieningen. Het vertrek van jongeren resulteert in een vicieuze cirkel. Hoe meer voorzieningen sluiten, hoe onaantrekkelijker het dorp wordt, waardoor uiteindelijk óók de laatste twijfelaars hun spullen pakken. 

Het contrast tussen Sanne en Jurre legt de kern van het regionale dilemma bloot. Waar de één kiest voor de carrièrekansen en de anonimiteit van de Randstad, kiest de ander voor de sociale wortels en de financiële stabiliteit van het platteland. “Ik sluit niet uit dat ik ooit terugkom,” geeft Sanne toe. “Maar pas als ik die drang naar de stad heb uitgespeeld. Voor nu voelt Deinum te klein.”

Terwijl gemeenten in krimpregio’s zoeken naar manieren om jongeren vast te houden, blijven dorpen als Deinum balanceren op de dunne lijn tussen de rust van het platteland en de dreigende leegloop. Of de ‘blijvers’ genoeg massa behouden om de sportclubs en dorpsfeesten overeind te houden, zal de komende jaren moeten blijken uit de verhuisstatistieken van een nieuwe generatie achttienjarigen. Voor Jurre is de keuze voor de regio juist een investering in de toekomst. “Je kunt wel wegrennen naar de stad, maar wie houdt hier de boel dan leefbaar?” vraagt hij zich af.

Eindredactie door Aukje Vellinga

Steun Red Pers

Je las dit artikel gratis, maar dat betekent niet dat het Red Pers niets heeft gekost. Wij bieden jonge, aspirerende journalisten een podium én begeleiding. Dat kunnen we nog beter met jouw steun. Die steun komt met twee voor de prijs van één, want onze sponsor matcht jouw donatie. Geef jij ons vijf euro? Dan ontvangen wij een tientje.

Over de auteur:

Meike Halbesma (2004, zij/haar) is student Bestuurskunde aan de Thorbecke Academie Leeuwarden, en heeft een passie voor jongerenparticipatie en een fascinatie voor het versterken van jongerenstemmen in de samenleving. Als redacteur Jongeren probeert ze hen de plek aan tafel te geven die ze verdienen, zodat hun stem luider klinkt en niemand er meer omheen kan.

Lees meer van Meike Halbesma