Anria Minnaar (40)
Geboorteplaats: Zuid Afrika
Dagelijkse bezigheid: Verpleegkundige
Hobby: Drakenbootroeien
Tien jaar geleden verhuisde Anria (40) van Zuid-Afrika naar Nederland, voor de liefde. Ze werd moeder, maar een jaar later gingen zij en haar vriend uit elkaar. “Plotseling bevond ik me in een heel nare situatie, want ik had geen familie in Nederland. Ik had geen basis, geen kennissen, niks. Ik stond niet eens op woningnet ingeschreven. Ik moest dus heel snel wegwijs raken.”
“Tijdelijk contract hier, studentenkamer daar”
Inmiddels is Anria al acht jaar lang op zoek naar een vaste woning, zonder succes: “Ik ga van één woning naar de ander. Tijdelijk contract hier, studentenkamer daar: ik ben continu op zoek naar iets nieuws.” Als ze op kameradvertenties reageerde en benoemde dat ze met een kindje kwam, was het antwoord vaak hetzelfde: “Nee, absoluut niet, geen baby’s.”
Op een gegeven moment vond ze een appartement samen met een andere alleenstaande moeder. “In de eerste instantie dachten we: een briljant idee. Maar toen we eenmaal samenwoonden, werden we door de belastingdienst op onze toeslagen gekort. We probeerden uit te leggen dat we geen partners waren, maar ze waren heel streng.”
Toen ook dat huurcontract afliep, dreigde Anria op straat te belanden. “Het werd moeilijker en moeilijker om een huis te vinden. De datum kwam op mij af en ik kon niks vinden. Dat zorgt veel stress. Als ik niks kan vinden: wat gebeurt er dan?”. Ten einde raad nam ze met allerlei hulporganisaties contact op. Uiteindelijk kreeg ze van de Amsterdamse Regenboog Groep reactie. De Regenboog Groep helpt Amsterdammers die dakloos raken. Ze reageerden dat Anria in aanmerking kwam voor een Parents House, een tijdelijke woonruimte voor ouders in scheiding. “In de laatste acht jaar heb ik me continu mentaal voorbereid op het idee dat ik dakloos kon worden. Ik had het nare idee dat ik op een kleine kamer in het Leger des Heils terecht zou komen. Dat mijn kind niet langs zou kunnen komen. Ik had me echt op het ergste voorbereid, dus het is een zegen dat dit is langs gekomen.”
Soortgelijke situatie
Anria woont met vier andere ouders in een Parents House in Amsterdam Oost. Iedereen heeft een eigen kamer en samen delen ze een keuken, badkamer en een klein balkon. Haar huisgenoten zijn van verschillende achtergronden: de een is chefkok, de ander werkt in het onderwijs. “Wij zijn een beetje van alles, maar we zitten allemaal in een soortgelijke situatie. We kunnen elkaar daarom ondersteunen en informeren, en dat vind ik wel fijn.”
Twee weekenden per maand zijn alle kinderen ‘thuis’, en wordt er met iedereen samen gegeten. “Als een groot gezin. Maar de rest van de tijd regelt iedereen gewoon hun eigen dingetje. Wij gunnen elkaar die ruimte, want iedereen zit zo hoog in de stress.”
Anria’s zoontje, inmiddels 10 jaar oud, komt om het weekend logeren. De rest van de tijd woont hij bij zijn vader in Uithoorn. Voor Anria is het geen optie om ook naar Uithoorn te verhuizen, al zou ze dat wel graag willen: “De realiteit is, de hele provincie is duur, het is niet alleen Amsterdam. Ik zou graag een stabiele situatie willen hebben, waar wij in hetzelfde dorp wonen en mijn zoontje de helft van de tijd bij de vader en de helft van de tijd bij mij kan wonen. Maar dat is helaas niet mogelijk.”
Gelukkig komt Anria’s zoontje graag in haar Parents House. Hij speelt samen met de kinderen van andere ouders. “Het is voor hem fijn dat hij hier zichzelf niet hoeft uit te leggen, want alle kinderen zitten in dezelfde situatie. Deze kinderen snappen het. Ik was bang dat hij het hier niet fijn zou vinden, maar hij voelt zich veilig hier.”
Schuld van het systeem
Anria vertelt dat veel ouders die in dezelfde situatie zitten, zich ervoor schamen. “Mensen van mijn leeftijd, die zeggen: hoe is het zo mis gegaan?” Zelf heeft Anria die schaamte niet. “Het ligt niet aan mij. Het ligt aan het systeem. Dat is niet mijn schuld, niet van de ouders hier. Dit is door jarenlange verkeerde politieke beslissingen. Iedereen hier werkt, niemand heeft een criminele achtergrond. Wij hebben allemaal gedaan wat van ons wordt verwacht van de maatschappij en toch heeft het slecht voor ons uitgepakt. Ik voel geen schaamte, want ik weet dat het niet anders had gekund. Ik heb mijn stinkende best gedaan om hard te werken, altijd genoeg geld te verdienen, maar het is gewoon niet voldoende.”
Toekomst
Ook het Parents House is tijdelijk. Anria mag hier een jaar verblijven en moet in oktober weer een andere plek zoeken. Ze hoopt via beroepsvoorrang een sociale huurwoning toegewezen te krijgen. “Ik hoop op een woning, met stabiliteit, waar ik tot rust kan komen. Een van de grootste zorgen in mijn leven is woning. Waar ga ik over een half jaar wonen? Ik hoop dat als ik die woning krijg, die zorg even opzij te kunnen zetten. Dan hoop ik dat ik mij meer op mijn kind kan focussen.”
Vlak voor het plaatsen van dit interview kreeg Red Pers bericht van Anria: “Inmiddels heb ik via de beroepsvoorrang een woning gekregen. Ik verhuis deze week.“
Eindredactie door …
Als onderdeel van het dossier ‘Dak- en thuisloosheid in Nederland’ sloegen Red Pers-redacteuren Nanette de Witt (redacteur Werken & Wonen), Aukje Vellinga (eindredacteur), Birgit Bijl (Chef Beeld) en Hugo Geijtenbeek (redacteur Audiovisueel) de handen in een om dak- en thuisloosheid een gezicht te geven. Dit verhaal is geschreven door Aukje en Hugo maakte het beeld. Journalistiek zoals dit steunen? Red de Pers. Word Vriend.